Windsurf-rigging-guide-duotone-warp

# 3: Windsurf materiaal tunen

Windsurf materiaal tunen.

Je windsurf materiaal tunen geeft je meer plezier en performance op het water. Hoe kun je het materiaal zo afstellen, dat het voor jou het beste werkt? We gaan de basics van het tunen bespreken. Een vinnetje extra, of 15% extra carbon in je mast, je voelt het verschil echt op het water. Maar in je portemonee helaas ook, dus jij moet de afweging maken of dat het waard is. Ik ga je helpen die keuze te maken.

‘Windsurf materiaal tunen’ is deel 3 van een trilogie. Lees ook: Windsurf disciplines (deel 1) en Soorten windsurf materiaal (deel 2). Voor de beginnende windsurfer die voor het eerst materiaal wil kopen raad ik aan Eerste windsurfplank en zeil kopen te lezen.

windsurf materiaal tunen vinnen
Een overzicht van de verschillende ‘Choco’ vinnen

Vin

De meeste boards worden standaard geleverd met een vin. Maar door een relatief kleine investering te doen, kun je veel meer uit je board en dus uit je surfdag halen. De geleverde vin voldoet waarschijnlijk prima voor de gemiddelde dag, met het gemiddelde zeil. Maar wat nu als je iets meer van je board wilt? Het waait harder of juist zachter, je wilt graag wat makkelijker de bocht om of juist wat sneller op het rechte stuk. Waar moet je op letten bij de aankoop van je nieuwe vin. Enkele variabelen:

  • Langer = meer lift, dus eerder aanplaneren en hoger aan de wind surfen.
  • Korter = meer controle (overpowered) en beter gijpen.
  • Dikker = meer lift, dus eerder aanplaneren.
  • Dunner = minder weerstand dus een hogere eindsnelheid.
  • Rechter = meer snelheid.
  • Krommer = beter gijpen.
windsurf materiaal tunen vin
Select geeft hier aan welke lengte freeride vin je het beste kan kiezen en houdt daarbij rekening met je zeilgrootte en boardbreedte.

Wil je bijvoorbeeld overpowered lekker kunnen varen en gijpen, koop dan een extra vin die iets kleiner en krommer is dan je huidge vin.

Ook de flex en torsie eigenschappen van een vin hebben een grote invloed op de performance van je board. Kijk in dit filmpje eens naar hoe je vin onder water buigt.

Hoe belangrijk een vin is? Formula surfers betalen makkelijk $800 voor één vin. Helaas moet je er dan wel drie jaar op wachten. Er is namelijk nogal een wachttijd. Voor $1400 heb je ‘m binnen drie maanden. En denk nu niet dat je deze vinnen nooit ziet, want 70% van de topsurfers heeft er één!

windsurf materiaal tunen fanatic boards voetbanden
Boven een Fanatic Quad (wave). In het midden de Fanatic Shark (freeride) en onder de Fanatic Falcon (slalom). Let op het verschil in voetband posities. De Quad met de voetbanden zo ver mogelijk in het midden. De Falcon met de voetbanden ver naar achter en naar buiten. De Shark heeft de voetbanden meer naar voor en meer naar het midden van het board om er makkelijk in te komen.

Voetbanden

Er zitten altijd meerdere gaatjes in je board waar de schroeven in kunnen, maar hoe tune je de voetbanden?

  • Naar voor = eerder aanplaneren en makkelijker in de voetbanden komen.
  • Naar achter = hogere eindsnelheid.
  • Naar binnen = makkelijker in de voetbanden komen, meer controle in de lucht over je board tijdens het springen, golfrijden en andere (freestyle) tricks, waarbij je in de voetbanden blijft.
  • Naar buiten = hogere snelheid doordat je beter weerstand tegen de vin kan bieden.
  • Voetbanden ver uit elkaar = meer controle, vooral met meer wind.
  • Voetbanden smal = staat wat relaxter.
  • Grote voetbanden = makkelijker in de voetbanden komen, meer controle in de lucht over je board tijdens het springen, golfrijden en andere (freestyle) tricks, waarbij je in de voetbanden blijft.
  • Kleine voetbanden = hogere snelheid doordat je beter weerstand tegen de vin kunt bieden.

Ik zie veel beginnende en gevorderde surfers met hele kleine voetbanden. Ze kopen een nieuw board en schroeven de voetbanden erop, klaar. De tenen passen er net in, maar met alleen je tenen in de voetbanden kan je het board niet controleren. Zeker niet op choppy water en al helemaal niet als je een sprongetje wilt wagen. Zorg dus altijd dat je de voetbanden zo groot afstelt, dat je tenen aan de binnenkant uit de voetband steken, dus zichtbaar zijn.

Ook is er de optie om voetbanden extra breed of extra smal te zetten. Als de voorste schroef van de voorste voetband in het tweede gaatje van voor zit. Kan je de achterste schroef van de voorste voetband best een gaatje breder zetten als je brede voeten hebt.

windsurf materiaal tunen mastvoet
Gelukkig is de mastbase tegenwoordig iets gebruiksvriendelijker.

Mastbase

Ook met de mastbase kun je de eigenschappen van je board heel veel beïnvloeden! De opties van de mastbase:

  • Naar voor = board vaart rustiger en dus meer controle. De neus wordt namelijk in het water gedrukt, dus zal het board minder snel de lucht in vliegen. Als de mastbase teveel naar voor gaat, zal het board gaan ‘plakken’.
  • Naar achter = hogere eindsnelheid en een losser vaargedrag.

Voor brede boards met grote vinnen geldt: door de mastvoet verder naar achter te zetten krijg je meer druk op de vin, dus zal het board eerder planeren, ‘losser’ varen en een hogere eindsnelheid hebben. Maar…je moet het board wel kunnen controleren. Dus de vin mag zo ver mogelijk naar achter, mits je de controle behoudt!

windsurf materiaal tunen north sails mast
Een tweedelige North Sails RDM.

Mast

Veel mensen steken veel geld in een board en zeil, maar vergeten de giek en mast en dat is erg jammer. De prestaties van een windsurfsetje worden begrenst door de minste component. Dus probeer altijd te zorgen dat alle componenten in evenwicht zijn. Dat levert het meeste op, voor het minste geld. In masten is de keuze ook reuze. De variabelen:

Buigings curve. Een mast buigt als je de neerhaler (touwtje bij de mastvoet) aantrekt. Die buiging kan constant over de hele mast zijn, dan spreken we van een constante buigingscurve of constant flex. Als de mast bovenin juist extra buigt, spreken we van een flextop. Als de mast bovenin juist minder buigt, spreken we van een hardtop. Elke saildesigner heeft zijn eigen theorie over wat goed is. Om het makkelijk te maken: kies voor je mast hetzelfde merk als dat van je zeil. Met die mast hebben de pro’s het zeil getest en geoptimaliseerd. Dat scheelt jou een hoop testwerk.

windsurf materiaal tunen mast buiging
Backloop landing: masten krijgen heel wat te verduren.

Stijfheid. Hoeveel een mast buigt als je het zeil op spanning brengt scheelt ook per mast. Deze buiging wordt uitgedrukt in IMCS. Hoe langer de mast is, des te stijver is de mast in verhouding tot de lengte, des te hoger is het IMCS getal. Hoe stijver de mast is, hoe stijver het zeil zal aanvoelen. Bij een stijve mast zit er ‘geen gevoel’ meer in het zeil. Het zeil voelt alsof je een stijve deur in je handen hebt. Als er een windvlaag in komt, ademt het zeil niet meer en voel je nauwelijks versnelling. Een te slappe mast zorgt voor een heel soft zeil. Elk windvlaagje blaast het zeil zo bol, dat de aerodynamica ver te zoeken is. Je bent snel overpowered, maar gaat niet hard. Weeg je weinig (dit geldt vaak voor vrouwen en kinderen), dan zou je voor softere masten kunnen kiezen. Als je aan de zware kant bent, dan zou je voor een…je raad het al. Waarom? Een licht persoon zal met 15 knopen surfen met een 6.5 zeil. Een zwaar persoon met 30 knopen. Als big daddy met 30 knopen het zeil even flink dicht trekt, dan bolt het zeil zo op, dat er van het mooie aerodynamische profiel weinig meer te zien is. Een stijvere mast is dan de oplossing. Zo kun je een beetje spelen met masten. Maar ben je niet zo’n ervaren windurfer, ga dan op safe. Probeer een mast uit te kiezen die dezelfde stijfheid heeft, als dat jouw zeil voorschrijft waarin je ‘m wilt gebruiken. Tegenwoordig zijn de stijfheden gekoppeld aan de lengtes. Dus een 430 mast heeft altijd IMCS 21 en een 400 mast heeft altijd 19. Ook hier geldt: koop hetzelfde merk mast als zeil.

windsurf materiaal tunen mast imcs
Buigingscurve en sterkte van masten wordt in de fabriek gemeten.

Lengte. Het wordt misschien saai, maar ook hier: koop de voorgeschreven lengte als dat enigszinds financieel kan. Natuurlijk kun je een te korte mast door middel van een lange verlenger toch lang genoeg maken. En natuurlijk kun je een te lange mast door middel van een variotop passend maken, maar het werkt gewoon veel minder goed. Belangrijker nog dan die lengte is namelijk de stijfheid. En als je nog een beetje wakker bent, heb je net gelezen dat langere masten altijd stijver zijn. In de praktijk zie ik vaak het volgende. Paps is gek van surfen en speert elk weekend over het water. De verslaving slaat over op zijn zoon (na een paar lesjes bij Leerwindsurfen). Paps heeft goed geluisterd naar de leraar van zijn zoon en wil natuurlijk graag met zijn zoon over het water speren en niet dat zoonlief gefrustreerd raakt, omdat hij het zeil niet uit het water kan trekken. Dus ze kopen in de winkel een 3.7 zeil. Een mast heeft paps nog wel liggen. Iets te lang, maar met die variotop in het zeil gaat dat wel lukken. Op het water gaat het toch iets minder met zoonlief (45 kilo schoon aan de haak). De wind lijkt super vlagerig en het is hollen of stilstaan met het zeil. Rustig een stukje planeren wil maar niet lukken. Wat is er aan de hand? Door de stijve mast wordt het zeil heel vlak getrokken. Dus al het ‘gevoel’ en alle ‘power’ is eruit. Omdat zoonlief ook nog eens heel licht is en het zeil (en mast) in een relatief lichte wind wordt gebruikt, voelt het zeil nog stijver. Moraal van dit verhaal: juist in kleine zeilen is het erg belangrijk om de juiste mast te gebruiken.

windsurf materiaal tunen carbon
Het zwarte goud: carbon.

Carbon. Het woord alleen al zorgt voor opschudding. In de vliegtuig-, auto- en ook in de surfwereld staat carbon voor prestatie. Dit zwarte goedje is ongeëvenaard qua sterkte, stijfheid en gewicht. En met gewicht bedoel ik dus dat het licht is. Nadelen zijn dat het niet van puntbelastig houdt. Dus laat je carbon board niet op de stenen vallen. En hitte is er ook niet zo goed voor. Twee redenen waarom dit goedje meestal niet aan de buitenkant van je board of mast wordt gebruikt. Het derde nadeel is de prijs. Door meer carbon en minder glasvezel en epoxy in een mast te stoppen, zal de response van de mast sneller worden. Stel je hebt je zeil aerodnamisch perfect opgetuigd, eenmaal in een dikke vlaag is daar weinig meer van te zien. Het zeil en de mast waaien helemaal uit hun fatsoen. Hoe sneller de mast dan weer terug buigt (= response), hoe eerder het zeil weer perfect aerodynamisch staat, hoe harder je gaat. En dat is dus de grootste reden om veel carbon in een mast te stoppen. Die snelle response is iets anders dan een ‘stijve’ mast. Men kan masten met 100% carbon zowel stijf als slap maken, waarbij de reponse snelheid hetzelfde blijft. Dus wedstrijdsurfers die het uiterste van hun materiaal eisen, hebben altijd masten die voor een groot deel uit carbon bestaan. Men begrijpt ook dat niet iedereen zo’n dure mast nodig heeft om lekker te surfen, dus zorgt elk zeilmerk dat er ook goedkopere alternatieven zijn met een lager carbon percentage.

Dikte. Eigenlijk zijn er hier maar twee variaties. Standard DiaMeter (SDM) en Reduced DiaMeter (RDM). RDM is iets van de laatste tien jaar. Door de diameter te verkleinen, kan de wand dikker gemaakt worden, waardoor je met dezelfde hoeveelheid materiaal een sterkere mast kan maken. Dus sterker, maar niet zwaarder. Nice! Vooral in de wave en freestyle wordt er bijna alleen maar RDM gebruikt. In de race SDM en de freeride mag vaak kiezen. Let wel op dat je bij de RDM mast ook een RDM verlenger nodig hebt. Dus even goed kijken voordat je een zeil koopt!

windsurf materiaal tunen leer windsurfen north sails giek
North Sails giek uiteinde (verstelbaar) en giekkop

Giek

Na het hele verhaal over masten is het bij gieken gelukkig iets makkelijker. Gieken zijn er in lange en korte varianten en het materiaal waar ze van gemaakt zijn, scheelt ook nog. Kies natuurlijk de gieklengte die bij je zeil past. Maar kijk ook even vooruit. Wil je in de toekomst misschien een nog groter zeil kopen, past de giek die ik nu koop daar dan nog op? Qua merken maakt het niet zo veel uit. Het is niet zo dat je perse merk X giek moet hebben als je een merk X zeil hebt. Alle merken hebben zowel dure als goedkope gieken in hun aanbod. Bij ‘full carbon’ gieken bestaat de hele giek uit carbon. Dus zowel kop, als de buizen als het eindstuk. Eigenlijk alleen het gedeelte dat je vast maakt aan de mast is van plastic. Een goede giek vervormt niet als er wind in het zeil komt. Stel je surft overpowered met 60 km/uur over het water en er blaast een nog hardere vlaag in je zeil. Het laatste wat je dan wilt, is dat de giek door de kracht in het zeil vervormt (breder wordt) waardoor het zeil nog boller wordt. Nee, je wilt dan een stijve, starre giek die het zeil aerodynamisch perfect houdt, zoals jij het hebt opgetuigd. Raad eens waar deze stijve gieken van gemaakt zijn…juist, carbon! En natuurlijk is dat weer aan de prijs te merken. Maar…er zit nog een heel groot voordeel aan een carbon giek. Ze breken namelijk niet. En dat is geen verkooppraat, maar een conclusie die ik heb getrokken na het jarenlang misbruiken van windsurfsetjes. Resultaten uit het verleden bieden natuurlijk geen garantie voor de toekomst. Maar waar alu gieken in de loop der jaren buigen, krom trekken of afbreken, blijven mijn carbon gieken altijd heel.

Zoals ik net al liet vallen, zijn er ook aluminium gieken. Minder stijf, maar beter geprijsd. En dan zijn er gieken met een mix van beide. Bijvoorbeeld giekbuizen van carbon en eindstuk en kop van alu.

Als laatste is de vorm de laatste jaren iets veranderd en zijn er nu gieken op de markt waar de giekbuis bij de kop bijna vierkant is. Vooral voor freestyle en wave biedt dit voordelen, maar het is een kwestie van smaak en gewenninig.

windsurf materiaal tunen leerwindsurfen north sails techniek
Camber (mastslurf is verwijderd). Verstelbare zeillat en Visual Trim System van North Sails

Zeil

Naast het board is het zeil natuurlijk de meest zichtbare component van je setje. Ook hier zijn er een aantal variabelen.

De neerhaler waarmee je het zeil onderaan de mast strak trekt. Hoe meer je dit touwtje aantrekt, hoe vlakker het profiel wordt. De ‘buik’ in je zeil wordt dan minder diep. Ook wordt de ‘leech’ bovenin je zeil losser. Een vlakker zeil en meer loose leech zorgen voor een hogere eindsnelheid. Een boller zeil zorgt ervoor dat je eerder aanplaneert, maar daarna zal je weinig meer kunnen versnellen. Helaas gaat het aantrekken van het zeil niet bij iedereen goed en dat terwijl het zo belangrijk is! Daarom plakken de zeilmerken vaak een stickertje in het zeil tot waar de loose leech moet komen. In de praktijk is het zeil bijna niet aan te trekken met de blote handjes. Je hebt of een stok nodig waar je de neerhaler omheen kan draaien of een speciale trimmolen. Heb je te veel wind-druk in je zeil? Trek de neerhaler dan wat meer aan. Kom je niet in plané, dan kan een boller zeil helpen dus laat dan de neerhaler dan iets vieren.

De uithaler is het touwtje aan de achterkant van de giek waarmee je het zeil strak trekt. Ook hiermee kun je beïnvloeden hoe diep de buik van je zeil is. De regel is dat je eerst de neerhaler aantrekt en daar de uithaler op aanpast. Vaak wordt de uithaler veel te strak aangetrokken. Je moet de uithaler met twee vingers kunnen aantrekken, maar ik zie mensen vaak met hun voet tegen de giek met twee handen dit touwtje aantrekken. Daardoor verdwijnt alle bolling en daarme ook de voortstuwing van het zeil. Bij weinig wind mag het zeil de giek best een beetje raken, zeker bij grote zeilen.

De latten kunnen ook losser en strakker worden gedraaid, maar zolang je niet meedoet om de prijzen van het NK formula voldoet het om de latten zo hard aan te draaien dat de verticale plooitjes in de buurt van de latten verdwenen zijn. Als je het zeil voor het eerst optuigt, moeten de latten meestal nog worden aangedraaid. En dan na een aantal keer surfen weer, omdat het zeil een beetje opgerekt is. Daarna hoef je er meestal weinig meer aan te doen, maar houd het in de gaten.

In race zeilen zitten cambers, dat zijn verbindingen tussen lat en mast. Ze zorgen ervoor dat je zeil stabiel blijft in windvlagen. Het nadeel is dat het zeil veel minder goed roteert. Tenzij je het Nederlands Kampioenschap Slalom wilt winnen moet je zorgen dat je geen of maximaal 3 cambers hebt.

Ik hoop dat je jouw voordeel kunt doen met deze tips en tricks.

Succes, Niek

P.S. Kan je wel wat hulp gebruiken bij materiaal keuze, optuigen, tunen of bij het windsurfen zelf? Speciaal voor de gevorderde windsurfer organiseren wij Windsurf clinics.

Scroll naar boven